Ode aan arnica

Alweer jaren geleden stapte mijn zoon de auto uit. Hij struikelde over de stoep en viel met zijn voorhoofd tegen de lantaarnpaal. Ik hoorde het kraken. Dat zou een flinke bult worden, of erger nog, misschien wel een hersenschudding. Snel met hem de keuken in. Daar staat, ergens tussen de kruiden in het kruidenrekje, altijd arnica klaar voor noodgevallen. En die waren er nogal eens toen ze klein waren.  

In hun Spiderman periode (gelukkig alweer lang geleden) rende mijn jongste het huis in. “Kom snel kijken” wist hij nog net uit te brengen. Samen hadden ze op de nok van de schuur gezeten en waren naar beneden gegleden, over het bemoste dak recht in de dakgoot. Dat moest toch kunnen als superheld zijnde? De oudste kwam er goed vanaf maar de jongste had zijn krachten toch wat overschat. Weer zorgde arnica dat de schade beperkt bleef. 

Ook onze dieren hebben er vaak baat bij. Zoals de hond, die na het trekken van een kies totaal geen klachten had. Er was geen zwelling te bekennen en die avond at hij alweer vrolijk zijn bak leeg.  

En zelf kreeg ik na een ingreep aan mijn oog het advies van de plastisch chirurg om maar een weekje binnen te blijven. Bont en blauw zou het worden. Na een week moest ik haar een foto sturen van mijn ogen. Niets te zien, hooguit wat zwelling. Dat maakte ze zelden mee.  

Ik denk dat we door de jaren heen aan de vierde verpakking zijn begonnen. De kinderen zijn nu pubers en de grote stunts zijn verleden tijd. Hoewel, nu doet de brommer zijn intrede. Ik hou  de arnica nog maar even binnen handbereik.

Monique du Pau

Redacteur van HM en klassiek homeopaat

Klassiek homeopaat voor mens en dier

Meer blogs van Monique du Pau